Arbeidsovereenkomst en proeftijd

Werkgever en werknemer kunnen met elkaar af spreken dat er een proeftijd van toepassing is. De bedoeling van de proeftijd is om te bekijken of het beide partijen wel bevalt om met elkaar samen te werken. Tijdens de proeftijd kunnen zowel de werkgever als de werknemer met onmiddellijke ingang de arbeidsovereenkomst opzeggen. Het voordeel van de proeftijd is dat werkgever en werknemer, binnen de wettelijke periode, op ieder gewenst moment afscheid van elkaar kunnen nemen. Opzeggingsregels zoals bijvoorbeeld opzegtermijnen zijn niet van toepassing. Bovendien gelden er tijdens de proeftijd geen opzegverboden. Denk hierbij o.a. aan het verbod van het opzeggen van de arbeidsovereenkomst tijdens ziekte. Een zieke werknemer die nog in de proeftijd zit kan dus gewoon worden ontslagen. U bent hier aan het juiste adres voor juridisch advies met betrekking tot het arbeidsrecht.

Welke eisen worden er gesteld aan een rechtsgeldig overeengekomen proeftijd?

Schriftelijkheidsvereiste

De proeftijd moet schriftelijk worden overeengekomen. Dit vereiste is van dwingend recht waarvan dus niet kan worden afgeweken. Een mondeling overeengekomen proeftijd is dus niet geldig en wordt geacht niet te zijn aangegaan, tenzij de mondeling overeengekomen proeftijd later schriftelijk wordt bevestigd. Meestal staat de proeftijd in de arbeidsovereenkomst, maar het is ook mogelijk dat de proeftijd staat vermeld in een CAO die voor werkgever en werknemer van toepassing is. ook in dat geval is aan het schriftelijkheidsvereiste voldaan.

Duur van de proeftijd

Ingeval van een arbeidsovereenkomst die wordt aangegaan voor onbepaalde tijd mag een proeftijd worden overeengekomen van maximaal twee maanden. Wordt een arbeidsovereenkomst aangegaan voor korter dan twee jaar maar langer dan zes maanden, dan mag de proeftijd maximaal één maand zijn. Bij een arbeidsovereenkomst van twee jaar of langer mag de proeftijd maximaal twee maanden zijn, hetzelfde dus als bij een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. In een arbeidsovereenkomst van zes maanden of korter mag geen proeftijd worden overeengekomen.  Tenslotte is het mogelijk dat partijen een arbeidsovereenkomst aangaan waarvan de duur niet kalendermatig is vastgesteld. Denk bijvoorbeeld aan een arbeidsovereenkomst voor de duur van een zieke werknemer of voor een project. In dat geval mag de proeftijd maximaal één maand bedragen.

IJzeren proeftijd

Als er een proeftijd tussen partijen wordt afgesproken voor langer dan één maand, terwijl dat niet is toegestaan of voor langer dan twee maanden, dan is het proeftijdbeding nietig en is er dus geen rechtsgeldige proeftijd overeengekomen. Bovendien is het niet toegestaan een proeftijd af te spreken die voor beide partijen niet gelijk zijn. Tenslotte is het ook niet toegestaan de proeftijd op te schorten vanwege bijvoorbeeld ziekte.

Afwijking bij CAO

Van enkele bepalingen van de wettelijke regeling over het proeftijdbeding kan bij CAO ten nadele van de werknemer worden afgeweken. Zo kan de CAO bepalen dat de proeftijd van één maand bij arbeidsovereenkomsten van korter dan twee jaar wordt bepaald op twee maanden. Daarnaast kan de proeftijd van maximaal één maand bij een arbeidsovereenkomst waarvan de einddatum niet op een kalenderdatum is vastgesteld worden bepaald op twee maanden.